Binnenkort kunnen erfgoedinstellingen hun oude cd’s, dvd’s, floppy’s en andere digitale opslagmedia in het HomeComputerMuseum (laten) uitlezen. Daarmee wordt aan een dringende behoefte voldaan – én wordt Nederlands erfgoed in veiligheid gebracht. Bijna alle erfgoedinstellingen hebben cd’s, dvd’s en floppy’s met Nederlands erfgoed. Maar bij zo’n 40% van de erfgoedinstellingen dreigt dit materiaal verloren te gaan. Dat blijkt uit een recent onderzoek van het Netwerk Digitaal Erfgoed: Bedreigd digitaal erfgoed op fysieke dragers. Onderzoek naar de landelijke omvang van de problematiek. Hoog tijd voor actie dus. Maar waar kan een erfgoedinstelling nog met haar ‘antieke’ informatiedragers terecht? In het museum van Bart van den Akker, initiatiefnemer van het HomeComputerMuseum in Helmond kan men hiervoor te recht. Men vindt daar 2000 computers uit de periode 1975-2005. ‘Ze werken allemaal nog, inclusief de bijbehorende software. Particulieren weten ons te vinden om informatie op hun verouderde dragers veilig te stellen. Maar ook instellingen kunnen daarvoor bij ons terecht. Het HomeComputerMuseum heeft hier alles voor in huis inclusief de software. Dat heeft ertoe geleid dat medewerkers van erfgoedinstellingen hier vanaf januari 2021 terecht kunnen. Zij kunnen dan zelfstandig gebruikmaken van de verwerkingsstraat om de waardevolle informatie die op oude dragers staat over te zetten naar een duurzamere drager en deze veilig te stellen.
Hoe gaat het in z’n werk
Medewerkers van erfgoedinstellingen kunnen straks met hun materiaal bij het museum binnenstappen. ‘We hebben een ruimte waar twee computers staan die vrijwel alle soorten informatiedragers aankunnen. Een van onze medewerkers kan daarbij helpen. En mocht er een computer met een andere drive nodig zijn, dan halen we die uit het archief. In veel gevallen kun je met de uitgelezen data vrijwel niets doen. Gelukkig is er kans dat we nog de betreffende software op een van de 2000 computers hebben waarmee we die data ook echt kunnen lezen. Dus dan lezen we de data met de originele software waarin deze ooit is aangemaakt. En vervolgens kunnen we die converteren naar een formaat waar je met een moderne computer mee aan de slag kan. De data kunnen worden overgezet op een zelf meegebracht medium of worden geüpload naar een beveiligde cloudopslag. ‘Zelf bewaren we de data maximaal een week en daarna wordt die in het kader van de privacy gewist. Dit proces zijn we nog aan het finetunen.’
Nog meer ‘verwerkingsstraten’
De verwerkingsstraat in het HomeComputerMuseum wordt de eerste plek waar erfgoedinstellingen met hun oude dragers terecht kunnen. Het Netwerk Digitaal Erfgoed werkt aan de inrichting van nog twee ‘zelfverwerkingsstraten’ die in de loop van volgend jaar hun deuren zullen openen.
Bron : https://www.netwerkdigitaalerfgoed.nl/news/erfgoedinstellingen-kunnen straks-floppys-laten-uitlezen/
Op aanraden van Arno Koopmans a.j.coopmans@hetnet.nl
Erfgoedinstellingen kunnen straks floppy’s laten uitlezen
Archief Tilburg bericht: Onbekende Doop,- Trouw- en Begraafboeken gedigitaliseerd
“Ieder nadeel heb zijn voordeel” is de uitspraak die hier wel op zijn plaats is. Door de lockdown eerder dit jaar en de sluiting voor publiek hebben we een koe bij de horens kunnen nemen die we al langer op ons verlanglijstje hadden staan: nakijken of alle doop-, trouw- en begraafboeken (DTB’s) bekend en gedigitaliseerd waren.
De volgende DTB’s zijn nu toegevoegd:
Archief 296 RK parochie H. Dionysius ’t Heike Tilburg
101 begraven 1784-1811
131-137 begraven 1669-1682
138 begraven 1683-1685 1688-1689
begraven 1796-1811
19 trouwen 1649-1727
202 trouwen Alphen 1674-1760
27 trouwen 1808-1811
32 trouwen 1774-1795
47 dopen 1697-1698
48 dopen 1643-1662
50 dopen 4 losse briefjes
58 trouwen 1761-1810
Archief 1203 RK parochie van de H. Laurentius te Dongen
Archief 1283 RK parochie Sint Petrus te Hilvarenbeek
Archief 2332 RK Parochie H. Bernardus te Made
Archief 2413 RK parochie Sint Antonius Abt te Terheijden
Archief 2421 RK parochie H. Gummarus te Wagenberg
Archief 2509 RK Parochie H. Joannes de Doper te Lage Zwaluwe
Archief 2629 Hervormde gemeente Geertruidenberg
Archief 2767 Hervormde gemeente te Raamsdonk / Raamsdonksveer
Archief 2829 RK parochie St. Petrus Banden te Gilze
Archief 2905 Hervormde gemeente Chaam
Archief 296 RK parochie H. Dionysius ’t Heike Tilburg
Archief 304 Hervormde Gemeente Tilburg
Archief 848 RK parochie St. Caecilia te Enschot
Archief 950 Hervormde Gemeente van Dongen
Archief 978 Hervormde Gemeente van ’s Gravenmoer
inv.nr 79 trouwen 1784-1810
inv.nr. 100 begraven 1689-1783
inv.nr. 106 trouwen 1787-1811
inv.nr. 111 trouwen 1797-1811
inv.nr. 17 trouwen 1796-1811
inv.nr. 19 dopen 1650-1767
inv.nr. 28 dopen 1691-1719
inv.nr. 28 trouwen 1793-1796 + 1 huwelijk 1810
inv.nr. 336 trouwen 1772-1811
inv.nr. 41 trouwen 1671-1722
inv.nr. 544-561 begraven in kerkrekeningen voor de jaren 1662-1706
714 begraven 1731,1732, 1738,1739,1746 en 1747
inv.nr. 669 trouwen 1797-1811
inv.nr. 69 trouwen 1795-1811
inv.nr.1 dopen 1713-1724
inv.nr.30 trouwen 1762-1811
trouwen 1691-1727
Joe Biden president elect Verenigde Staten
Kort overzicht
Joe Biden werd geboren op 20 november 1942 in Scranton, Pennsylvania en verbleef daar tien opeenvolgende jaren voordat hij naar Delaware verhuisde. Als kind worstelde hij met een stamelend probleem, maar uiteindelijk overwon hij zijn spraakstoornissen. Hij ontving zijn middelbare schoolopleiding van de Archmere Academy in Delaware. Tijdens zijn middelbare schooltijd was Biden zeer betrokken bij het basketbalteam en het voetbalteam van de middelbare school. Zijn speelvaardigheid leverde beide teams verschillende overwinningen en prijzen op. Over zijn studies gesproken, Joe Biden was een bovengemiddelde student. Hij was vanaf het begin van zijn leven begaafd met de leiderschapsgeest en daarom werd hij tijdens zijn middelbare schooltijd gekozen als klassenpresident. Na het behalen van zijn middelbare school in 1961 ging Biden naar de Universiteit van Delaware. Hij behaalde zijn bachelor met een dubbele major in politieke wetenschappen en geschiedenis in 1965. Hij was tijdens zijn studententijd actief betrokken bij het eerstejaarsvoetbalteam van Blue Hens.
Joe Biden is de zoon van Joseph Robinette Joe Biden Sr. en Catherine Eugenia Jean Biden. Zijn vader werkte als verkoper van tweedehands auto’s. Biden herinnert zich zijn ouders als degene die hem veel hebben geleerd over hardwerkend, gefocust en ambitieus. Biden heeft een jongere zus genaamd Valerie en twee jongere broers genaamd Frank en James.
Joe Biden trouwde in 1966 met zijn universiteitsvriendin genaamd Neilia Hunter. In 1972 verloor Biden zijn vrouw en dochter genaamd Naomi Biden bij een enorm auto-ongeluk waarbij zijn beide zonen, Hunter en Beau, ernstig gewond raakten. Bidden was zo gefrustreerd door het ongeluk dat hij overwoog zelfmoord te plegen. De steun en aanmoediging van zijn familieleden hielpen hem echter om zijn verantwoordelijkheden voor zijn zoons en zijn carrière voort te zetten. In 1977 trouwde hij met Jill Biden en het paar is gezegend met een dochter genaamd Ashley. In het jaar 2015 leed de vice-president opnieuw een persoonlijk verlies toen zijn zoon Beau, die het slachtoffer was van hersenkanker, overleed. Na het afronden van zijn bachelor schreef hij zich in aan de Syracuse University College of Law. Hij behaalde zijn doctor in de rechten in 1968. Na een jaar raakte hij betrokken bij de Delaware Orde van Advocaten en de Democratische Partij.
In 1970 begon Biden te werken bij de New Castle Country Council. Een jaar later, toen hij lid was van de raad, opende hij zijn eigen advocatenkantoor. In 1972 moedigde de Delaware-partij Biden aan om deel te nemen aan de verkiezingen tegen de beroemde Republikeinse zittende J. Caleb Boggs voor de Amerikaanse Senaat. Na een onvermoeibare campagne die voornamelijk door zijn familieleden werd georganiseerd, schreef hij geschiedenis door de vijfde jongste Amerikaanse senator te worden.
Hij vervulde een bloeiende en vooraanstaande carrière in de Senaat van 1973 tot het jaar 2009. Biden nam een initiatief om te strijden voor het Amerikaanse presidentschap in 1987. Maar vanwege gezondheidsproblemen stopte hij in 1988 met de campagnes. Na het overleven van een genezingsperiode van zeven maanden , keerde hij terug naar de Senaat.
Twintig jaar later, in 2007, besloot hij zich opnieuw kandidaat te stellen voor het Amerikaanse presidentschap. Helaas hebben zijn campagnes en initiatieven niet veel aandacht getrokken in een sector die algemeen wordt gedomineerd door Hilary Clinton en Barrack Obama.
In 2008 versloeg Joe Biden samen met Barrack Obama het republikeinse ticket van Alaska-gouverneur Sarah Palin en senator John McCain. In het jaar 2009 werd Joe Biden, ongetwijfeld een van de meest gerenommeerde politieke figuren van de afgelopen tijd, de 47e vicepresident van de VS. De geschatte nettowaarde van Joe Biden staat op $ 5 miljoen.
Joe Biden is de oudste van vier broers en zussen in een katholiek gezin, gevolgd door zijn jongere zus [Mary] Valerie Biden Owens en twee jongere broers, Francis William “Frank” Biden en James Brian “Jim” Biden.Valerie was een van de campagnemanagers van de presidentiële campagnes van Joe Biden.
De ouders van Joseph sr., Mary Elizabeth ( née Robinette) Biden (1894–1943) en Joseph Harry Biden (1893–1941), zijn van Franse en Ierse afkomst. Biden’s derde overgrootvader van vaders kant, William Biden (1787–1849), werd geboren in Sussex , Engeland , verliet Engeland, emigreerde naar de Verenigde Staten en vestigde zich in Maryland.
Jean’s (zijn moeder) ouders waren Geraldine Catherine ( née Blewitt) Finnegan en Ambrose Joseph Finnegan. Jean was van Ierse afkomst, met wortels die op verschillende manieren werden toegeschreven aan County Louth [16] en County Londonderry . : Acht Ierse genealogen gaven Joe Biden zijn Ierse familiegeschiedenis van moeders kant tijdens zijn bezoek daar in 2016. Joe’s overgrootvader van moederskant (Geraldine’s vader), Edward Francis Blewitt het kind van Iers emigranten uit Rappagh, Ballina, County Mayo , was lid van de Senaat van Pennsylvania
KWARTIERSTAAT
1e generatie
1. Joseph Robinette Biden Jr. (1942-)
2e generatie
2. Joseph Robinette Biden (1915-2002)
3. Catherine Eugenia “Jean” Finnegan (1917-2010)
3e generatie
4. Joseph H. Biden (1893-1941)
5. Mary Elizabeth Robinette (ca. 1894-1943)
6. Ambrose Joseph Finnegan (1883-1957)
7. Geraldine C. Blewitt (1886-1949)
4e generatie
8. George T. Biden (ca. 1867-ca.1910)
9. Mary Emily Liddell (1872-1922)
10. George Hamilton Robinette (1844-1914)
11. Mary A. Hanafy (1862-1930)
12. James Finnegan (c1840-)
13. Catherine Roche (c1846-)
14. Edward F. Blewitt (1859-1926)
15. Mary Ellen Stanton (ca. 1861-1888)
5e generatie
16. Joseph J. Biden (1828-1895)
17. Lydia Ann Randle (c 1835-1902)
18. Robert Theodore Liddell (1844-1914)
19. Susan E. Bomberger (c 1846-1924)
20. Moses J. Robinette (1819–1903)
21. Jane E. Pumphrey (c 1824-1878)
22. John Hanafy (1815-1878)
23. Mary —– (1828-1878)
28. Patrick Blewitt (c 1833-)
29. Catherine Scanlon (c 1838–)
30. James Stanton (ca. 1831–)
31. Mary Arthurs (ca. 1835–)
6e generatie
32. William Biden (ca. 1800–)
33. Mary Elkins (c1801–)
34. Thomas H. Randle (c1803-1889)
35. Mary Ann Shoemaker (1813-1902)
36. John Liddell
37. Emily E. Wooben
38. John Bomberger (ca. 1821–)
39. Mary —– (ca. 1827–)
42. (waarschijnlijk) James Pumphrey (c1765-c1832)
43. (waarschijnlijk) Elizabeth Hamilton (–1820)
7e generatie
66. Joseph Elkins (1776-c1801)
67. Nancy Fonts
84. William Pumphrey (c1734-c1786)
85. Elizabeth Kingsbury (ca. 1738–)
8e generatie
132. William Elkins (c 1751-1798)
133. Mary Points (c 1748-1798)
170. James Kingsbury
171. Anne Demilliane
9e generatie
340. James Kingsbury (-c1726)
341. Elizabeth Hall (c1673-c1743)
342. Gabriel Demilliane
343. Ann Young
10e generatie
682. Richard Hall (-c1688)
683. Elizabeth —– (–c1687)
KONING LODEWIJK VAN HOLLAND
Onlangs stootte ik bij toeval op een krantenbericht dat mijn verwondering wekte. Leden van de stichting Napoleon wilden in Voorthuizen (gemeente Barneveld) een beeltenis van Lodewijk Napoleon plaatsen. Het bericht luidde: De gemeenteraad van Barneveld hoeft volgende week niet te beslissen over een gemeentelijke bijdrage van 35.000 euro voor een standbeeld van Lodewijk Napoleon Bonaparte in Voorthuizen. Na protesten in het dorp trekt de stichting Napoleon in Voorthuizen (NiVo) haar subsidieaanvraag daarvoor in. Veel kans van slagen zou het verzoek naar alle waarschijnlijkheid ook niet hebben gehad. Het beeld zou een prominente plaats moeten krijgen in Voorthuizen. In Lodewijks opdracht is de Hoofdstraat in Voorthuizen destijds verhard. Die verbondenheid met Frankrijk is in Voorthuizen vandaag de dag ook nog terug te zien in de Franse lelie in het straatwerk op het Bunckmanplein en het hekwerk langs de Hoofdstraat. Ook komt de Franse lelie terug in de dorpsvlag van Voorthuizen. De stichting wilde met het beeld de toeristische, recreatieve functie en de lokale economie van Voorthuizen verder versterken.
Het beoogde standbeeld in Voorthuizen stuitte op weerstand bij een groep bewoners. Een actiegroep verzamelde in twee weken tijd ruim 950 handtekeningen tegen dit plan en wezen het beeld van Lodewijk Napoleon af. Hij was immers onderdeel van een bezettende macht, door Napoleon aangesteld om te regeren als marionet. Een Franse generaal dreigde in 1804, voordat Lodewijk aantrad, zelfs Voorthuizen plat te branden omdat het dorp zich verzette tegen de inkwartiering van huzaren.
Ik vroeg me af hoe een gebeurtenis van 200 jaar geleden nog zo veel stof kon doen opwaaien en voorts of alle actievoerders wel goed georiënteerd waren omtrent de laatste ontwikkelingen rond het koningschap van Lodewijk, onze eerste Koning. Er zijn veel onderzoekers die menen dat de betekenis van deze koning Lodewijk is onderschat en dat onder invloed van de organisten zijn statuur onderuit werd gehaald. Reden voor een krantenonderzoek via Delpher om de mening van Nederlandse tijdgenoten over Lodewijk uit die periode te kunnen peilen.
De persoon Lodewijk
Lodewijk Napoleon Bonaparte (Ajaccio, 2 september 1778 – Livorno, 25 juli 1846) was de jongste broer van keizer Napoleon die ons vele jaren heeft onderdrukt. Lodewijk was door een ziekte of misvorming verlamd geraakt. Om te schrijven moest hij de veer met een touwtje aan de vinger vastbinden. De koning probeerde Nederlands te leren, en voerde het Nederlands als hoftaal in. Maar hij had zoals veel Fransen problemen met de klemtoon bij het uitspreken van Koning. Vandaar dat hij spottend het konijn van Holland werd genoemd.
Juridisch leverde deze benoeming geen problemen op. De zoon van de erfprins had immers afstand gedaan van rechten in Holland in ruil voor het vorstendom Fulda. Omdat het bestuur van het Bataafse gemenebest niet aan de wensen van Keizer Napoleon tegemoet kwam besloot de keizer om zijn jongste broer in 1806 tot koning te benoemen. In tegenstelling tot de wens van zijn broer voerde Lodewijk een pro-Hollandse politiek. Lodewijk hield van Holland, en hij trachtte de ernstige repressieve maatregelen van zijn broer te verzachten. Napoleon maakte zich boos omdat Lodewijk weigerde de dienstplicht in te voeren. De keizer eiste telkens meer soldaten, maar op een bevolking van twee miljoen mensen was het een onmogelijke opgave om 40.000 soldaten te leveren.
Wetgeving tijdens het bewind van Lodewijk
Lodewijk had enigermate de talenten van zijn familie geërfd. In tegenstelling tot wat later over hem werd geschreven was hij intelligent en een goed organisator. Tijdens zijn korte koningschap presteerde hij veel goede dingen. Voor genealogen is zijn bewind uitzonderlijk belangrijk geweest. Zo voerde hij een Burgerlijk Wetboek en Lijfstraffelijk Wetboek in. Hij was ook erg actief op nationaal-cultureel terrein. Aan hem danken we het Koninklijk Instituut, de voorloper van de huidige Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (KNAW), ook zette hij het Koninklijk Museum op, het latere Rijksmuseum. En tenslotte ook nog de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Hij voerde tenslotte een voor iedereen toegankelijk onderwijs in. Ook liet hij onderzoeken of de landbouw verbeterd kon worden. Hij wilde de gezondheidszorg structureren en hij stichte een Koninklijke apotheek. Zij die het niet konden betalen moesten de medicijnen gratis krijgen. Hij propageerde borstvoeding.
Grote sociale betrokkenheid
Lodewijk toonde ook een grote sociale betrokkenheid met de bevolking. Hij werd daarom ook als Lodewijk de goede betiteld en Vader der ongelukkigen. Napoleon betoonde zich zeer betrokken bij de Nederlandse bevolking. Hij toonde zich zeer betrokken bij enkele grote rampen. Toen op 12 januari 1807 in Leiden een kruitschip ontplofte zorgde Lodewijk Napoleon voor voedsel en hij richtte een nationaal hulpfonds op. In 1809 was er een overstroming in de Betuwe, twee dagen trok hij persoonlijk door de Betuwe om mensen te helpen, iedereen moed in te spreken en te zorgen voor een goede hulpverlening.
Koning Lodewijk sloot zich niet op in zijn Haagse paleis, maar ging regelmatig op tournee. Op zijn rondreizen deed hij de uithoeken van het koninkrijk aan, waar stadhouder Willem V zich zelden of nooit had vertoond. De tournee was niet slechts een slimme daad om sympathie te verwerven, want Lodewijk was daadwerkelijk gegrepen door de problemen die hij in deze afgelegen gebieden tegenkwam en pakte deze voortvarend aan. Omdat Brabant tijdens de generaliteitsperiode verarmd was bezocht hij enkele malen deze provincie. Gedurende een reis, die kris kras door Brabant werd gemaakt, bezocht de koning ook het door ziekte ernstig getroffen Aarle. Lodewijk Napoleon heeft zich ingezet om de opvang en de nazorg van de getroffen slachtoffers te regelen. Ter herinnering aan de inzet van Lodewijk Napoleon werd een borstbeeld van de koning pal voor het voormalige hervormde kerkje in Aarle geplaatst. Dit is het enige monument in Nederland dat nog aan koning Lodewijk Napoleon herinnert. Bij de Brabantse reis werden tal van gehuchten, dorpen en steden bezocht. Het welkom aan de koning was overal hartelijk en hij deelde royaal geschenken uit. Lodewijk Napoleon maakte deze reis van 13 april tot en met 17 mei 1809.
Einde koningschap
Ondanks de regelmatig gevoelde onvrede over de Franse overheersing, kweekte Lodewijk met zijn voorbeeldige en relatief bescheiden houding gaandeweg steeds meer het respect bij zijn Nederlandse onderdanen. Dat wil niet zeggen dat iedereen blij was met deze ‘Hollandse fase’ van de nieuwe koning. Leden van zijn hofhouding vonden dat Nederlandse gedoe maar wat ongemakkelijk, en moesten hem uiteindelijk schriftelijk verzoeken om te stoppen met verhuizen binnen Nederland, omdat de koning maar niet kon besluiten of hij Amsterdam, Den Haag of Utrecht als zijn hoofdstad wilde kiezen. Ze konden zijn gereis simpelweg niet meer bijhouden. Zijn geliefde verblijfplaats werd het huis welgelegen in Haarlem dat nu provinciehuis is.
Omdat Lodewijk niet de zin van zijn broer deed werd hij in 1810 van zijn functie ontheven. Nederland werd een franse provincie met veel repressie . Na zijn abdicatie sleet Lodewijk zijn laatste 36 jaar op zijn kasteel te st Lieu en vanaf 1826 in Livorno. Hij noemde zich graaf van st Lieu. Hij schreef graag maar was geen talentvol schrijver. Hij schreef onder andere een roman en een uitvoerige beschrijving in drie boekdelen over zijn bestuursperiode. Vandaar dat we goed op de hoogte zijn van deze bestuursperiode. Hij had veel Nederlandse vrienden gemaakt die hem in st Lieu en Livorno geregeld bezochten.
Jaren na Koningschap
Nadat Napoleons troepen in 1813 uit ons land verdreven waren, werd Nederland wederom een koninkrijk. Ditmaal onder iemand uit het geslacht van de Oranjes: koning Willem I. Hij was de zoon van stadhouder Willem V, die in 1795 naar Engeland was gevlucht. In concreto vond Willem I een gespreid bedje. Veel van de goede wetgeving werd door hem overgenomen, maar niet alles. Zo liep van 1815 de burgerlijke stand nogal rommelig totdat in 1823 de inschrijvingen verplicht werden. Ook de sociale activiteiten kregen minder aandacht.
Ook na zijn afscheid kreeg onze ex-koning nog geregeld aandacht in de pers. Vooral zijn driedelige uitgave over de geschiedenis van zijn bestuur kreeg loffelijke aandacht. Een criticus-recensent merkt hierover op: “Voor het overige, draagt dit werk blijken van eene groote onpartijdigheid; de zedigheid van den Schrijver wanneer hij over zich zelf schrijft, en de bescheidenheid welke hij in acht neemt, wanneer hij van anderen spreekt. In een woord, dit werk kan niet nalaten van niet met de hoogste belangstelling gelezen te worden, inzonderheid door de Nederlanders, welke het zoo onmiddellijk betreft, en die daarin veel merkwaardigs zullen vinden voor de geschiedenis van ons land.”
Lodewijk keerde nog twee keer terug in Nederland. In 1820 kreeg Lodewijk toestemming van koning Willem I om Nederland te bezoeken. Hij wilde wat persoonlijke zaken regelen. Zo voerde hij een proces om zijn huis in Haarlem terug te krijgen. Paviljoen Welgelegen was na het vertrek van de Fransen als vijandelijk vermogen door de Nederlandse staat geconfisqueerd. De Haarlemse rechtbank wees het verzoek af. Wilhelmina van Pruisen, moeder van koning Willem I, kon sinds haar intrek op 10 januari 1814 op Welgelegen blijven bewonen als zij in Nederland verbleef. De laatste keer was in 1840 toen hij toestemming van Willem II kreeg. Ofschoon hij incognito was en in een bescheiden logement verbleef werd hij, tóch door de gewone mensen herkend. Velen zouden hem staande op het balkon van zijn hotel Leve Lodewijk de Goede” toe geroepen hebben. Het feit dat de Nederlanders hem toejuichten ontroerde hem zeer, al was het de vraag of de sympathisanten in de eerste plaats vóór Lodewijk of tégen het Huis van Oranje waren. Het is duidelijk dat men besefte dat hij zich tijdens zijn Hollandse jaren geweldig had uitgesloofd om werkelijk zoiets als een vader des vaderlands te worden, en dat hij na zijn kortstondige regering een aardig poosje in het nationale geheugen is blijven hangen als een brave borst.
Dat hij Holland niet vergat blijkt uit zijn testament. De goederen, die hij in Holland bezat, schonk hij aan het gemeentebestuur van Amsterdam, om er jaarlijks de renten van te doen strekken tot het lenigen van door overstromingen veroorzaakte rampen. Die goederen hadden een totale waarde van een miljoen franc.
Samengevat
Het beeld dat we van het bestuur van Lodewijk is ondanks zijn relatie met de keizer, gunstiger dan een lange periode werd aangenomen. De laatste jaren krijgt zijn regeerperiode en zijn persoon steeds meer aandacht. Net als de overige leden van de familie Bonaparte had hij in laatste instantie niet veel bij zijn machtige broer in te brengen, maar net als voor de anderen was het voor hem een sport de machtige broer zo lang mogelijk te dwarsbomen. Lodewijk was wat dat betreft een passabele burgemeester in oorlogstijd. Weegt men alles tegen elkaar dan steekt zijn bestuurlijke periode niet ongunstig af bij die van zijn 3 opvolgers Oranje, te weten Willem I, Willem II en Willem III. Of dit een standbeeld rechtvaardigt is meer een politieke dan een geschiedkundige zaak. Men doet hem echter te kort als men hem als een brute onderdrukker of nietsnut afschildert en hem daarom een standbeeld ontzegd.
Aanvullingen in Delpher
Delpher
Ruim 64.000 nieuwe kranten zijn vanaf vandaag beschikbaar in Delpher. De kranten zijn hoofdzakelijk afkomstig uit de eerste helft van de 20e eeuw. Onder andere De Nederlander, De nieuwe courant en Nieuwsblad van het Zuiden.
Eindhoven: Nieuwe registers burgerlijke stand online
Aangevuld: de volgende registers van de burgerlijke stand digitaal beschikbaar en doorzoekbaar op naam:
Bladel Huwelijken, 1933-1940
Budel Geboorten, 1913 Aanvulling
Budel Overlijden, 1961-1965
Gestel Geboorten, 1914-1917
Helmond Overlijden, 1968
Hoogeloon Huwelijken, 1936-1940
Leende Huwelijken, 1931-1940
Luyksgestel Huwelijken, 1930-1940
Reusel Geboorten, 1901-1910
Reusel Huwelijken, 1931-1940
Reusel Huwelijken, 1921-1930
Stichtse Heraut , jaargang 32 nummer 4
Stichtse Heraut , jaargang 32 nummer 4, november 2020
VAN DE REDACTIE
VAN DE VOORZITTER
AFDELINGSNIEUWS
Agenda Afdelingsvergadering 11 november 2020
Vertrek Emmy Mitenburg
LEZINGEN
Toelichting lezing Zouaven, 9 dec. a.s. door Kees Rasch
Samenvatting lezing Waterloo op 9 september 2020
TIJDSCHRIFTENNIEUWS
Wilt U de Stichtse Heraut digitaal ontvangen?.
DIVERSEN
Aanvulling: Zalen uit Zegveld
Optocht te paard
Cholera in Utrecht
Genealogie in coronatijd
GENEALOGISCHE VRAGEN
Vraag van Leo van Vlodorp
Vraag van Joop Gentenaar
PALEOGRAFIE
Transcriptie Stichtse Heraut nr. 3 – augustus 2020
Nieuwe opgave
INHOUDSOPGAVE
Onderzoek naar bejegening Joodse huiseigenaren na oorlog
Leeuwarden gaat onderzoeken hoe de gemeente zich heeft gedragen tegenover Joodse huiseigenaren in en na de Tweede Wereldoorlog. De uitkomst moet duidelijk maken of er onrechtmatige transacties gemaakt zijn na de oorlog.
De Friese hoofdstad is een van de twintig gemeenten die onderzoek gaan doen. Dat blijkt uit een rondgang van De Monitor en Pointer(KRO-NCRV) langs gemeenten die voorkomen in de vastgoedadministratie van de Duitse bezetter. Historisch Centrum Leeuwarden is een vooronderzoek in de archieven begonnen. De uitkomst kan aanleiding zijn voor uitgebreider onderzoek.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Joods vastgoed onteigend en doorverkocht. De gemeenten gaan onderzoeken of belastingen zijn geheven, terwijl de Joodse eigenaren geen toegang hadden tot hun woningen, en hoe ze zijn omgegaan met onteigende panden die ze zelf aankochten.
In Leeuwarden gaat het om 130 tot140 panden die tijdens de oorlogsjaren in bezit waren van Joodse families en ‘onder beheer gesteld’ werden, ofwel in beslag genomen door de Duitse bezetter en mogelijk verkocht zijn. De gemeente wil weten hoe dit na de oorlog is afgewikkeld en wat de rol van de gemeente hierin is geweest. Vooralsnog zijn er geen aanwijzingen dat de gemeente Leeuwarden nauw betrokken is geweest bij de onteigeningen.
In principe moesten Joden na de oorlog schadeloos gesteld worden. Het onderzoek, dat vermoedelijk enkele maanden duurt, moet uitwijzen of dit is gebeurd. Zijn de panden teruggegaan aar de rechtmatige eigenaar of is er een schadevergoeding betaald?’’
Over hoe gemeenten gehandeld hebben rond geroofd Joods vastgoed is nog weinig bekend. In Leeuwarden, in het gebied rond de Breedstraat en Bij de Put huisde de grootste Joodse gemeenschap van Friesland. Van de 665 Joden in de stad waren er na de oorlog nog 114 over. Een deel van hen emigreerde. In 1951 waren nog 100 Leeuwarders lid van de Joodse Gemeente.
Geneanet – hoe werkt dat?
Geneanet is een online platform om gratis uw stamboom te publiceren, informatie te delen en samen te werken. Deze eerste Europese genealogische website is in 1996 in Frankrijk opgericht. Tegenwoordig werken in Parijs, waar ook de servers staan, zo’n 30 mensen aan Geneanet. De 3 miljoen leden met hun 800.000 stambomen en 6 miljard namen van voorouders zijn over de hele wereld verspreid, waarvan voor meer dan 70% in Frankrijk.
Omdat in het onderstaande veel over schermen en tabbladen geschreven is, is het voor de leesbaarheid makkelijk als u de website https://nl.geneanet.org/ opent.
Hoe maakt u een account aan?
1. Surf naar https://nl.geneanet.org/;
2. Aanmelden en gegevens invoeren. Tab “Stamboom” => “Grafische omgeving”, welkomsttekst, mogelijk foto toevoegen;
3. Eventueel geeft u zich op voor de nieuwsbrief;
4. Ook kunt u nu of later naar wens informatie van partnersites zoals FamilySearch invoeren;
5. Dat geldt ook voor het importeren van een GEDCOM-bestand van uw stamboom of -bomen via de tabbladen “Stamboom” => ”GEDCOM importeren / exporteren”.
Wat kan met Geneanet?
• U kunt meer beheerders van één bestand aanwijzen.
• In het scherm “Stamboom” => “Instellingen” => “Privacy” is de gewenste privacy in te stellen van personen jonger dan 100 jaar. U kunt kiezen uit:
1. Tijdgenoten half privé, alleen voor- en achternamen en verbintenissen worden getoond. Via het tabblad “Verborgen personen” zijn personen uit deze categorie ook volledig te verbergen;
2. Tijdgenoten privé, niets wordt getoond;
3. Alles openbaar.
• De bron van de stamboom is Sosa 1. Als u dat niet zelf wilt zijn, wijst u een (voor)ouder m/v daarvoor aan. Dat is dan de voor anderen zichtbare ‘startpersoon’ van de stamboom. Op dezelfde wijze kunt u uzelf onzichtbaar maken als eigenaar van de stamboom. Achter het tabblad “Stamboom” => “Uw stamboom” => “Boom” bevindt zich misschien wel het belangrijkste scherm!
• Neem eens, als u op een persoon in de stamboom ‘staat’ (dus met de muis hebt aangeklikt), een kijkje onder het tabje rechts bovenaan: “Bewerken” => “Persoon bewerken”. Er verschijnt dan een lijst met alle evenementen van die persoon. Daarin kunt u ook evenementen toevoegen met per gebeurtenis een bron. Als een gebeurtenis nog gecontroleerd moet worden, geeft u als bron bijvoorbeeld “Nog uit te zoeken” aan. Dat vergemakkelijkt later te onderscheiden wat u nog moet controleren of documenteren.
• Om kinderen te ontkoppelen gebruikt u het profiel van de geselecteerde persoon in de tab “Bewerken” => “Partnerschap bewerken”. Onderaan het profiel staan de geboekte kinderen die u kunt losmaken. Het ontkoppelde kind blijft wel in de database staan. U kunt daarna het kind onder de goede ouders hangen: na intoetsen van geboortedatum en naam van het kind, verschijnt de melding dat dit kind al bestaat, waarna u het aan de ouders kan koppelen.
• Overigens kunt u in het profiel van de geselecteerde persoon geheel onderaan links de link met de partner verwijderen.
• Enkele, ‘losse’, personen zijn in te brengen als kind of als partner in de tab ¨Bewerken¨.
• Geneanet accepteert de inbreng van genderneutrale huwelijken.
• Dubbel of meer ingebrachte personen zijn onder de tab “Bewerken” samen te voegen tot één persoon.
• Mediabestanden zijn in “Boom” => “Bewerken” aan de database toe te voegen. Bij invoeren van meer media kunt u de ‘hoofdfoto’ aangeven. In een plaatje van meer personen kunt u een kadertje om iemand maken om de gegevens van die persoon te noteren. Omgekeerd beweegt u met de muis over een persoon die dan wordt omkaderd met de ingevoerde gegevens.
• Ook interessant is de mogelijkheid “Relatie toevoegen” onderaan de lijst, bijvoorbeeld voor “adoptief” of“erkennende”.
Uw profiel
In alle schermen staat bovenaan de groene balk met aan de rechterkant uw profiel met uw gebruikersnaam.
• In het scherm “Uw stamboom” vindt u een zoekmogelijkheid naar personen in uw database door het aangeven van een naam of Sosa-nummer en/of een voornaam. Als u met de muis over dit kleine schermpje beweegt, ziet u een klein menu.
• Nieuw is de optie “Lijst van alle personen van de stamboom” waarmee het profiel van een persoon verschijnt door op zijn of haar te naam in die lijst klikken.
• Ook handig is “Geavanceerde zoekopdracht” met daarin verschillende zoekmogelijkheden.
• Behalve in uw eigen stamboom kunt u in die van anderen zoeken. Met in “Zoek” => “Database doorzoeken” op te geven parameters wordt in alle bestanden van andere gebruikers gratis gezocht naar overeenkomsten. Met het Premium abonnement gebeurt dit automatisch. De lijst met zoekresultaten beperkt u door in de linker kolom uzelf als lid van Geneanet uit te sluiten om de resultaten uit uw eigen stamboom weg te filteren
In de lijst die verschijnt, betekent een balletje linksonder het stamboompje links van de naam dat de gevonden persoon een directe voorouder van de bronpersoon van die stamboom is. Klikt u op een gevonden naam, dan ziet u linksboven het getoonde profiel de naam van het account waarin u staat. Met de Tab “Boom” verschijnt de stamboom van dat account.
Vrijwilligers taggen erfgoed voor artificial intelligence
Het Nationaal Archief, Stadsarchief Amsterdam, en Noord-Hollands Archief werken mee aan het project Tag de tekst. In dit artificial intelligence-project taggen (labelen) vrijwilligers bepaalde begrippen in duizenden teksten uit de 17e, 18e en 19e eeuw uit collecties van deze instellingen. Op die manier leert het systeem deze begrippen automatisch te herkennen. Hiermee wordt zoeken in archieven makkelijker.
Het gaat om notariële stukken uit Amsterdam, Haarlem en andere provincies, en archieven van de VOC. De vrijwilligers taggen de teksten op persoonsnamen, locaties en datums. De teksten zijn al gescand en getranscribeerd, oftewel omgezet in machine-leesbare tekst.
Door het AI-systeem met deze tags te ‘voeden’, wordt het steeds beter in het herkennen van persoonsnamen, locaties en tijdsaanduidingen. In vervolgprojecten kan het systeem verder getraind worden om ook andere begrippen te vinden in teksten, zoals scheepsnamen, beroepen of kunstvoorwerpen.
Voor het project zijn we nog steeds op zoek naar vrijwilligers. Iedereen is van harte welkom. Aanmelden kan op VeleHanden en Tag de tekst.
Waarom zijn Amerikanen geobsedeerd door genealogie?
Amerikanen zijn verwoede genealogen. Ik heb me vaak afgevraagd waarom; dit artikel biedt mogelijke een verklaring.
Genealogie was hobby die nog niet zo lang geleden werd geassocieerd met oude heren en stoffige archieven, maar die thans is uitgegroeid tot een cultureel fenomeen – gevoed door geavanceerde technologieën en gedreven door een niet aflatende fascinatie voor wie we eigenlijk zijn.
Genealogische abonnementsdiensten zijn big business, en 20 jaar van recreatieve DNA-testen voor afkomst, hebben 35 miljoen mensen een DNA-test laten maken om deze te matchen met genetische familieleden en te horen waar in de wereld hun genen vandaan komen. De meerderheid van deze testers zijn Amerikaans. Recent financieel nieuws onderstreept de stijgende waarde van zowel onderzoek naar familiegeschiedenis en de consument genomics. Een voorbeeld hiervan is de investeringsreus Blackstone Group die heeft aangekondigd dat het een meerderheidsbelang in Ancestry.com verworven heeft ter waarde van een flinke 4,7 miljard dollar.
Waarom zijn Amerikanen nu zo geïnteresseerd in het verleden? Hoe zijn de levens van onze overledenen onze nationale obsessie geworden?
Historicus François Weil heeft geschreven dat in de vroege dagen van de nieuwe Amerikaanse republiek, genealogie werd gekoppeld aan de Britse aristocratie. Een obsessie om een hoge sociale rang te claimen. Het stamboom onderzoek werd soms ook gezien als een middenklasse streven, om over je roots te kunnen op te scheppen. Op andere momenten is genealogische onderzoek gebruikt om mensen te verdelen in een hiërarchie op basis van ras en klasse. Koloniale families gebruikten afstammingsonderzoek om hogere sociale rang en de daarbij passende status te claimen en af te dwingen.
Maar in de tweede helft van de 20e eeuw, begon de hobby een deel van dat racisme en afstamming af te werpen. Het onderzoek van familiegeschiedenis werd de manier van veel Amerikanen om zichzelf en hun voorouders beter te begrijpen. Met de opkomst van de personal computer, het internet, genealogische abonnementsdiensten en DNA-testen – en met shows als “Who Do You Think You Are?” en “Finding Your Roots” werd genealogisch onderzoek populair. We zijn nu uitgegroeid tot een natie van archeologen en speurders van het verleden om onszelf beter te begrijpen.
Maar wat voedt de wens van Amerikanen om achteruit te kijken. Precies 400 jaar nadat het Britse schip Mayflower landde in het hedendaagse Massachusetts, beginnen veel Amerikanen aan hun onderzoek niet om verband te leggen met verheven of historische voorouders maar meer uit nieuwsgierigheid naar hun roots. Ze hadden een gevoel van ontworteling. Tijd en assimilatie hebben hen ontdaan van hun familieverbanden, van de vroegere gewoonten, taal en voedsel. Zij wisten niet waar hun voorouders vandaan kwamen. Afro-Amerikanen hebben daarbij vaak een schaarste aan archivalia over hun tot slaaf gemaakte voorouders.
We onderzoeken omdat genealogie ons een manier geeft om abstracte geschiedenis reëel te maken. We willen weten of het verleden een boodschap voor ons heeft. We onderzoeken ook om vast te stellen of er een precedent voor onze neigingen en talenten bestaat, een verklaring voor de neus of dat kastanjebruin haar dat we hebben, of het verhaal achter idiosyncrasieën van een familie. We zoeken naar patronen en uitleg. We hopen dat het verleden het heden kan verduidelijken. Soms vinden we een andere waarheid dan we dachten en dat de waarheid over de geschiedenis van een familie botst met hun familieverhalen. Soms, blijkt bij een DNA-test, dat men een pleegkind is, of dat men niet van Siciliaanse afkomst is, maar Afrikaans ten zuiden van de Sahara. Dan begint men aan een andere reis naar het verleden om uiteindelijk je ware roots en identiteit te ontdekken.
Libby Copeland’s website
Bron: why-are-americans-obsessed-genealogy