Op naar de 100e Verborgen verleden
Nieuwe serie met Ronald de Boer, Simone Kleinsma, Geert Mak, Rifka Lodeizen, Diederik Ebbinge, Merel Westrik, Danny de Munk en Paul de Leeuw
Uitzendingen: 9 januari t/m 27 februari, elke zaterdag om 20.30 uur op NPO 2
Tijdens alweer het 14e seizoen van de NTR-serie Verborgen verleden zal ook de 100e aflevering worden uitgezonden. Al honderd keer heeft de kijker dan kunnen zien hoe een kleine familiegeschiedenis de grote geschiedenis raakt; hoe thema’s als de Tweede Wereldoorlog, het koloniale verleden of migratie invloed hebben op generaties erna. Koningen en keizers trokken langs, maar ook bedelaars en vondelingen, militairen, prostituees en straatmuzikanten.
Vanaf 9 januari zien we hoe dat zit met de familiegeschiedenissen van Ronald de Boer, Simone Kleinsma, Geert Mak, Rifka Lodeizen, Diederik Ebbinge, Merel Westrik, Danny de Munk en Paul de Leeuw. Er vinden in binnen -en buitenland ontmoetingen plaats met schuinsmarcheerders, kunstenmakers, geleerden, vechtersbazen en heuse verzetshelden. In het kielzog van Johan van Oldenbarnevelt wordt het Binnenhof bezocht, met een silhouetteur het Rijksmuseum en vanaf Texel vertrekt een oorlogsvloot in de hoop die verdomde Engelsen te verslaan. En had Ronald de Boer het Nederlands elftal nou eigenlijk voor ‘Die Mannschaft’ moeten verruilen?
Verborgen verleden is gebaseerd op het Britse format Who do you think you are? en wordt geproduceerd door BlazHoffski onder eindredactie van de NTR. Ook wordt gebruik gemaakt van de expertise van CBG | Centrum voor familiegeschiedenis en de Nederlandse archieven en musea. Verborgen verleden was voor het eerst te zien in 2010 en mag zich sindsdien verheugen in een grote schare trouwe kijkers.
Zie ook de website met achtergrondverhalen verzorgd door het CBG I Centrum voor familiegeschiedenis: www.verborgenverleden.nl
Afleveringen:
Zaterdag 9 januari, 20.30 uur, NPO 2: Ronald de Boer
Ronald de Boer, die als voetballer de wereld over reisde en grote successen boekte met onder meer Ajax, denkt dat zijn familiegeschiedenis niet veel verder zal reiken dan wat tuinders in en om het West-Friese Grootebroek. Tot zijn grote verbazing – of is het schrik? – ontdekt hij echter Duitse én Rotterdamse wortels. En waarom speelt het water zo’n grote rol in zijn familiegeschiedenis en het leven van zijn vechtlustige voorvaders?
Zaterdag 16 januari, 20.30 uur, NPO 2: Rifka Lodeizen
Actrice Rifka Lodeizen ziet er als een berg tegenop om in het oorlogsverleden van haar vader Frank te duiken, hoe hij als joods jongetje aan de nazi’s kon ontsnappen, en over het tragische lot dat andere familieleden wachtte. Maar Rifka is ook erg nieuwsgierig naar welke verhalen er voorbij de oorlog te vinden zijn. Waar leiden de Sefardische voorouders Rifka naartoe? En waar bloeien de hoop en het verzet in deze verhalen van vlucht en vervolging?
Zaterdag 23 januari, 20.30 uur, NPO 2: Diederik Ebbinge
Acteur, regisseur en cabaretier Diederik Ebbinge gaat op zoek naar de verzetsdaden van zijn opa en doet verrassende ontdekkingen. Zijn familie blijkt er één vol dichters, gelovigen en vluchtelingen. Welke lessen kan hij hieruit trekken voor zijn eigen leven? Én het blijkt toch echt het bloed van Johan van Oldenbarnevelt te zijn dat Diederiks familiegeschiedenis kleurt als hij ontdekt dat zijn voorvader de terdoodveroordeelde bijstond in diens laatste uren.
Zaterdag 30 januari, 20.30 uur, NPO 2: Simone Kleinsma (de 100e aflevering!)
Net als musicalactrice en zangeres Simone Kleinsma zelf komen veel van haar voorouders uit Amsterdam, die stad aan het water waar migranten uit de hele wereld hun geluk zochten. Simone gaat vrolijk op reis naar de oorsprong, ontmoet intrigerende zeevaarders, armoelijders, overspelige types én gaat op zoek naar haar artistieke wortels. Als ze door de eeuwenoude familiekroniek van haar voorouder bladert, leest ze dat verdriet en geluk van alle tijden zijn.
Zaterdag 6 februari, 20.30 uur, NPO 2: Merel Westrik
Journalist en presentator Merel Westrik treedt in de voetsporen van haar opa en oma en ontdekt een wel heel bijzondere liefdesgeschiedenis – op een plek waar de liefde meestal ver te zoeken was. Maar waarom werd opa Westrik gevangen genomen tijdens de Tweede Wereldoorlog en wat deed hij eigenlijk in het verre, koude Noorwegen? Merel zoekt het uit op een ontroerende reis door de tijd en beseft dat ze met elke nieuwe ontdekking nader tot ze komt.
Zaterdag 13 februari, 20.30 uur, NPO 2: Geert Mak
Schrijver en journalist Geert Mak heeft voor onder meer zijn boek De eeuw van mijn vader al veel uitgezocht over zijn familiegeschiedenis, maar hij wil nu graag op zoek naar de waarheid achter sommige familielegendes. In hoeverre heeft de Nederlandse geschiedenis het leven van zijn voorouders geraakt en gekleurd? Welke historische lijnen weet Geert te ontdekken? Wie speelde er een rol bij de befaamde tocht naar Chatham en waardoor raakte toch die beruchte veldwachter te Balk aan de drank?
Zaterdag 20 februari, 20.30 uur, NPO 2: Danny de Munk
Info volgt
Zaterdag 27 februari, 20.30 uur, NPO 2: Paul de Leeuw
Info volgt
bron: persbericht NTR
Verborgen verleden
1. Hoe verliepen de vroegere West-Europese pandemieën en wat waren de gevolgen.
Op deze site hebben we uitvoerig de belangrijkste epidemieën besproken die vooral de Westerse landen troffen. Deze epidemieën werden vooral van de medische kant besproken en er werd minder aandacht gegeven aan de sociaal economische gevolgen en de historische context. Epidemieën zijn immers niet los te denken van de geschiedenis. Epidemieën staan immers vaak niet op zich zelf, maar treden op tijdens oorlogen, grote migratiestromen en globalisatie van de samenleving en de wereldhandel. Wat de gevolgen van een epidemie, een oorlog of economische crisis zijn is soms moeilijk te onderscheiden. Vandaar dat het definiëren van het einde van een epidemie vaak zo moeilijk en onduidelijk is.
Epidemieën zijn belangrijk voor de studie van de familiegeschiedenis. Hele families sterven ineens uit of worden plots kinderloos. Vaak heeft de dood van de kostwinner of de moeder diepgaande gevolgen voor de familiegeschiedenis. Ook de andere gevolgen zoals migratie en werkeloosheid hebben diepe invloed ook voor latere jaren. We hebben ons in vroeger bijdragen vooral op de ziekte en het ziekte verloop geconcentreerd maar minder op de afloop en de sociale gevolgen van deze pandemieën. Deze kwestie is momenteel actueel, gezien de Covid-19 pandemie. Hoe zal onze samenleving en de gezinsstructuren gaan veranderen. Denk aan het sterven van de ouders en het nalaten van wezen. Denk ook aan echtscheidingen in tijden van angst en onzekerheid. Daarom bespreken we in deze bijdrage de belangrijke Europese epidemieën en de gevolgen hiervan voor de samenleving.
Een epidemie/pandemie heeft 2 kanten: een medische kant nl. de explosie van het aantal sterfgevallen door een omschreven ziekte en een sociale kant nl. de angst, die optreedt wanneer de vrees voor de ziekte onder de bevolking toeneemt en soms tot wanhoop leidt. Deze angstepidemie kan verergeren wanneer deze gecompliceerd wordt door kwesties als ras, privilege en taal. Bijna iedere epidemie in het verleden bracht na de uitbraak grote sociale gevolgen met zich mee die de samenleving soms langdurige deed veranderen. Na de pest komt hongersnood, oorlog en de dood, volgens het Bijbelboek Openbaringen 6. Misère en ellende na een epidemie is gelet op dit citaat kennelijk van alle tijden. Nu is dat niet de pest, maar Covid19, dat ons terroriseert. Maar wellicht is nog dreigender de economische crisis met armoede voor velen, politieke onrust door wanhoop en onzekerheid en mogelijk politieke conflicten waarbij dodelijke slachtoffers te betreuren zullen zijn.
“Hoe zal de huidige pandemie eindigen?” is een vraag die veel mensen zich momenteel stellen. Deze afloop wordt niet alleen bepaald door medische en volksgezondheidsgegevens, maar vooral ook door sociaalpolitieke processen. De eindes van een epidemie waren in het verleden altijd zeer onduidelijk. Proberen om het einde van de epidemie te definiëren is moeilijk en wordt mede bepaald door diverse sociale factoren zoals het gedrag van de bevolking. Epidemieën leggen immers de zwakten van samenlevingen bloot. Als de pandemie een economische catastrofe aanricht door bijvoorbeeld sociale onthouding (lockdowns) ziet men op den duur dat steeds meer en meer mensen zeggen met de beperkende maatregelen klaar te zijn, en stellen “genoeg is genoeg”. Men accepteert dan de situatie en probeert vervolgens hiermee te leren leven. In veel gevallen doet een epidemie de lopende ontwikkeling versnellen waardoor geleidelijke aanpassingen komen, ook al is de ziekte niet geheel verdwenen. De arbeidsmarkt past zich op de nieuwe werkelijkheid aan en men zoekt naar nieuwe wegen. Pandemieën hebben daarom meer dan eens een hoofdrol gespeeld in de wereldgeschiedenis, vaak met grote gevolgen voor economie, politiek, oorlog etc.
Intussen lijken de maatregelen die landen op dit moment tegen de Covid19-crisis nemen ondanks alle medische vooruitgang, opmerkelijk veel op ingrepen die in vroeger tijden ook al gangbaar waren. Ook nu staat sociale distantie weer centraal en wordt het woord quarantaine weer veelvuldig gehoor. Dit woord gaat terug tot de middeleeuwse Italiaanse stadstaten, die zeelieden voordat ze ze aan land toelieten veertig (quaranta) dagen isoleerden in de hoop de pest buiten de stadspoorten te houden. Ook het sluiten van landsgrenzen en de instelling van een cordon sanitaire om een stad of gebied zijn maatregelen uit de oude doos, net als tips om niet onbedekt te hoesten, de handen te wassen en mondkapjes te dragen. Epidemische ziekten als cholera, tyfus en gele koorts speelden ook een belangrijke rol, omdat ze de macht van regeringen vergrootten. Regeringen trokken steeds meer regelgevende macht naar zich toe om de epidemieën te bestrijden en kregen soms dictatoriale trekken. Sommige media hebben het nu over ‘draconische’ stappen, maar de meeste dingen die worden gedaan zijn gewoon de bekende klassieke maatregelen. Preventie en hygiënische maatregelen zijn bepalend voor de aard en het tijdstip van het einde van een epidemie. Dit wordt door het menselijk gedrag bepaald, die wispelturig van aard is. De afloop van een epidemie is daarom niet in de tijd te preciseren. Hoe daarom een epidemie verloopt, blijft dus tijdens de epidemie onzeker en leidt vaak tot speculatie achteraf. Maar de ervaringen met vroegere epidemieën kunnen toch een tip van de sluier optillen. Het is dan ook instructief om de sociale impact van vroegere West-Europese epidemieën hier uiteen te zetten, omdat dit een beter zicht geven op wat effectieve ingrepen zijn. In deze reeks zullen we daarom achtereenvolgens het verloop en gevolgen bespreken van de hier onderstaande grote Westerse pandemieën:
Zwarte Dood/Builenpest (1347-1351)
De Tweede Pestgolf ( 17de eeuw)
De Pokken (18de eeuw)
De Cholera (1817)
De Spaanse griep (1918)
Deel 1 Verloop en gevolgen van de Zwarte Dood/Builenpest (1347-1351)
De meest verwoestende pandemie die West-Europa doormaakte is de Zwarte Dood geweest, ook wel bekend als de Builenpest. Ongeveer meer dan 200 miljoen mensen stierven tijdens een periode van slechts vier jaar, bijna de helft van de bevolking. De ziekte bereikte ons door het handelsverkeer met het Midden-Oosten en trof in eerste instantie vooral de Italiaanse havensteden zoals Genua, Venetië, etc. De Zwarte Dood sloeg toe in een voor West-Europa gevoelige periode met veel troepenverplaatsingen. Engeland en Frankrijk waren verwikkeld in de Honderdjarige Oorlog en de katholieke kerk verkeerde in een crisis, waarbij pausen tijdelijk in ballingschap gingen in de Franse stad Avignon. Het 14e-eeuws Italië werd ook geteisterd door hongersnoden en oorlogen die de verspreiding van epidemieën zoals de pest nog verder in de hand werkten.
De ziekte wordt veroorzaakt door een stam van bacteriën, Yersinia pestis, die door ratten en vlooien op de besmette dieren wordt verspreid. Maar builenpest, die bekend werd als de Zwarte Dood, kan ook worden doorgegeven van een besmet persoon aan gezonde persoon door middel van ademhalingsdruppels. Dit veroorzaakt dan de longenpest die binnen enkele dagen tot de dood leidt, Men leerde al vroeg dat men er met uitsluitend het doden van ratten bij de bestrijding van de pest niet is en dat ook isolatie nodig is.
De gevolgen van de pest waren verschrikkelijk. Zo’n 30 tot 60 procent van de Europese bevolking kwam om. Het was geen wonder dat de bevolking zeer angstig was. De angst was door de onzekerheid nog heviger, omdat de mensen niet wisten waar de verschrikkelijke ziekte vandaan kwam . Een gevolg was dat mensen hun toevlucht zochten tot religieus fanatisme. Een bijzonder vorm van dit fanatisme was dat van de flagellanten of Charismatische flagellantengroepen. Deze trokken door stad en land, intussen zichzelf geselend en klaagzangen zingend. Zij riepen mensen op tot berouw en boetedoening. De pest werd namelijk beschouwd als straf van God. De piek van de flagellanten-activiteit lag tijdens de Zwarte Dood, die in 1347 begon, waarna er in 1349 spontaan geselgroepen opstonden. De geselbroeders vestigden zich in kampen in de buurt van steden om daar hun rituelen twee keer per dag uit te voeren. Het gesel-ritueel begon met het lezen van een brief – waarin de geselpraktijken werden gemotiveerd. Vervolgens vielen de flagellanten op hun knieën om zichzelf tijdens het zingen van stimulerende Geisslerlieder ritmisch af te zwepen. De komst van flagellanten leidde regelmatig tot een aanval op de joodse gemeenschap, die verantwoordelijk werd gehouden voor de pestepidemie.
Om de pestinfectie te ontlopen vertrokken veel mensen uit hun dorpen en steden naar pestvrije gebieden waardoor de ziekte zich verder zich verspreidde. Dit vertrek en de grote sterfte leidden tot een gebrek aan landarbeiders; op het land verrotte al het eten. Er was niet genoeg voedsel meer. Hongerige boeren vormden bendes. Bij deze boerenopstanden roofde ze alles leeg, ze vermoorden mensen, en stichtten brand. Hele streken werden verwoest.
De pestbacterie die Europa in het midden van de veertiende eeuw trof, maakte vele slachtoffers en decimeerde de bevolking in verschillende landen met tientallen procenten. Het duurde meer dan drie eeuwen aleer men over de gevolgen van de epidemie heen was en het bevolkingspeil van voor de pestepidemie weer had bereikt. Er stierven in deze periode zelfs zoveel mensen dat de leefomstandigheden voor de overlevenden beter werden. Het resultaat van dit alles was een aanzienlijke vermindering van beschikbare arbeiders en vaklieden, en daarbij kwam dan nog de ineenstorting van de financiële structuur. Op het platteland gingen boeren het braakliggend land in gebruik nemen. Er kwamen boerenopstanden en zo verdween het middeleeuwse systeem van lijfeigenschap langzaam en voorgoed waardoor een democratie op den duur mogelijk werd. De koopmansklasse werd fundamenteel voor de samenleving. Het verbrijzelen van normen door de Zwarte Dood werd daarom beschouwd als de eerste stap op het pad dat leidde tot de Renaissance en de Reformatie. Noch de regering, noch de kerk konden de pest verklaren of een remedie bieden. Seculiere en religieuze leiders stierven net als gewone mensen. Een kritische houding t.o.v. het geloof ontstond en zette aan tot zelfstandig leren denken.
In 1348 kwam de stadstaat Venetië met nieuwe regelingen, namelijk met quarantaine bepalingen om de pestverspreiding tegen te gaan. Elke matroos die de haven van Venetië tijdens de Black Death pandemie aandeed werd gedwongen om dertig dagen in quarantaine te worden geplaatst om aan te tonen dat hij geen enkele vorm van ziekte vertoonde. Deze periode werd nog langer (veertig dagen- vandaar quarantaine) om ervoor te zorgen dat iedereen in Venetië niet aangestoken werd door de Builenpest. Dit nieuwe systeem genoemd door Venetië als Quarantino werd geïmplementeerd in het grootste deel van Europa in 1350.
Een beeld van de pandemie geeft het beroemde boek van Boccacio’s Decamerone. Dit boek werd geschreven tussen 1349 en 1351(?) en speelt zich dus af tijdens de periode van de Zwarte Dood (of de pest), die Florence trof in 1348. Boccaccio beschrijft het leven van de rijken die zich van de pest trachten te isoleren, en die hun gewone leven willen leiden ook al was het bestemd om te worden afgebroken door de onvermijdelijke ziekte.
Geleidelijk verdween de pest, maar bleef met kleine uitbraken incidenteel toch nog voorkomen. Waarom deze pestgolf verdween is niet opgehelderd. Men vermoedt dat door de kortdurende kleine ijstijd in de 16-18de eeuw de zwarte rat uitstierf en daarmee ook de epidemie.
Bredase notariële archieven 1843-1905
Notariële archieven zijn belangrijke informatiebronnen bij stamboom- en huizenonderzoek. Ze helpen een beeld te vormen van hoe mensen leefden. Aan de hand van testamenten, huwelijkse voorwaarden en financiële transacties krijg je een indruk van de sociaaleconomische situatie van je voorouders. Niet verwonderlijk dat de notariële archieven veel worden geraadpleegd! Een goede digitale toegang is daarbij heel behulpzaam.
Vanaf de middeleeuwen werden notarissen in Nederland officieel aangesteld door de overheid. Daarmee werden ze bevoegd om aktes op te stellen die bewijskracht hadden. Notarissen waren verplicht om een zogenaamd protocol bij te houden van de door hen opgestelde akten. Daarnaast speelde de schepenbank een grote rol in de vrijwillige rechtspraak, bijvoorbeeld in het vastleggen van onroerendgoedtransacties. Dit veranderde in 1811 met de invoering van de Franse wet op het notarisambt (Breda maakte van 1810-1813 deel uit van Frankrijk). Vanaf toen verschoof het opmaken van aktes op het gebied van vrijwillige rechtspraak bijna geheel naar de notarissen. De notariële archieven van Breda en omliggende gemeenten zijn vanaf einde van de zestiende eeuw grotendeels bewaard gebleven.
Met de invoering van de wet op het notarisambt werd de notaris verplicht om jaarlijks een overzicht te maken van de door hem afgegeven aktes. Zo’n overzicht noemen we een repertorium. Het repertorium vermeldt per akte de datum, de aktesoort en een korte samenvatting met daarin de personalia van betrokken partijen. Ook staat er beschreven of de partijen het originele exemplaar (afgegeven ‘in originali’ of ‘en brevet’) hebben meegekregen, of een afschrift van de moederakte (afgegeven ‘in minuut’). Van de meeste akte gaf de notaris een afschrift (grosse) mee aan de betrokkenen. Het moederexemplaar (de minuut) bleef bij de notaris in bewaring. In sommige gevallen gaf hij de originele, door de partijen ondertekende akte mee en hield hij zelf geen kopie achter. Deze laatstgenoemde aktes vind je dus alleen terug in het repertorium maar niet in het archief van de notaris.
Als deelnemer aan Vele Handen ben je behulpzaam, leergierig en geïnteresseerd in (lokale) geschiedenis en/of oud schrift. De aktes zijn uiteraard handgeschreven dus je zult je vaardigheden op het gebied van oud schrift kunnen trainen. Door de veelzijdigheid aan aktes en handschriften is het een afwisselende klus! Na afronding van het project worden de repertoria beschikbaar gemaakt op de website van Stadsarchief Breda en via notarisarchieven Breda.
Oude archieven van Haaren verhuizen naar Tilburg
De gemeente Haaren is met ingang van 1 januari 2021 opgeheven en de vier dorpen, Haaren, Helvoirt, Esch en Biezenmortel maken nu deel uit van een andere buurgemeente. Biezenmortel is bij Tilburg gekomen, Esch bij Boxtel, Haaren bij Oisterwijk en Helvoirt bij Vught.
In 1996 werd de gemeente Haaren vergroot met de gemeenten Esch en Helvoirt, en in 1997 met een deel van de gemeente Udenhout, namelijk het dorp Biezenmortel.
Wat gaat er nu veranderen?
De opheffing van de gemeente Haaren heeft gevolgen voor de oudere archieven. Alle oude archieven van die gemeente stonden bij het Brabants Historisch Informatiecentrum in ‘s-Hertogenbosch.
De archieven van de gemeenten Esch en Helvoirt blijven in ‘s-Hertogenbosch staan.
Haaren wordt samengevoegd met de gemeente Oisterwijk en alle archieven van de oude gemeente Haaren, dus van voor 1997, verhuizen naar Regionaal Archief Tilburg.
Omdat Biezenmortel voor 1997 deel uitmaakte van de gemeente Udenhout, liggen die archieven al bij Regionaal Archief Tilburg
Welke archieven zijn beschikbaar?
Onderstaand overzicht geeft inzicht welke archieven in Tilburg raadpleegbaar zijn. Vanaf 2021 komen daar nog meer recente archieven vanaf het jaar 1996 bij. Deze staan nu nog in het gemeentehuis van Haaren.
Dorps- en gemeentebestuur Haaren
– 6005. Dorpsbestuur Haaren, 1592-1810;
Het dorp bestond behalve uit de kom (die in de negentiende eeuw mét kerk en raadhuis werd verplaatst) en de buurtschap Belveren uit de gehuchten de Noenes, de Voort, Heesakker, Eind, Gever, Kerkeind, Holleneind en de Raam. Wat rechtspraak betreft, Haaren behoorde tot 1803 tot de schepenbank in De Eninghe van Oisterwijk’.
– 6006. Gemeentebestuur Haaren, 1811-1943 (1960)*;
Het bevolkingsregister van Haaren is tijdens de Tweede Wereldoorlog deels verloren gegaan. Het archief bevat de reconstructie uit de jaren zestig. Voorts zijn ook de archieven van de Hinderwetvergunningen 1882-1943 (794), de Luchtbeschermingsdienst 1927-1944 (798) en Bouwvergunningen 1902-1943 (810-815) in dit archief opgenomen.
– 6007. Gemeentebestuur Haaren, (1906) 1943-1980*;
Bevat tevens de Hinderwetvergunningen over de periode 1946-1956 (nr. 73) en van de gemeentelijke bedrijven, te weten Burgerlijk Armbestuur, Gemeentelijk Centraal Antennebedrijf, Grond- en Woningbedrijf. Hinderwetvergunningen vanaf het jaar 1957 bevinden zich bij de gemeente Oisterwijk.
– 6003. Gemeentebestuur Haaren, (1957) 1981-1995 (1997)*;
– 6002. Bouwvergunningen Haaren, 1941-1995*;
Voor de serie bouwvergunningen 1902-1942 zie ook 6006. nrs. 810-815.
– 6004. Bouw- en woningtoezicht Haaren, 1952-1995;
– 6008. Burgerlijk Armbestuur Haaren, (1753) 1834-1964*.
DTB en Burgerlijke Stand
– 6010. Doop-, trouw en begraafboeken |(DTB) , 1610-1811 (1824);
– 6009. Registers van de Burgerlijke Stand Haaren, 1811-1940*.
De openbare geboorteregisters tot 1920, huwelijksregisters tot 1945 en overlijdensregisters tot 1970 zijn digitaal beschikbaar op de website.
Collecties
– 6011. Beeldcollectie Haaren.
Bron: regionaal archief Tilburg
BHIC: de volgende bronnen zijn toegevoegd
Burgerlijke stand
Geboorten
- Geertruidenberg, 1811-1902
- Goirle, 1811-1879
- Halsteren, 1811-1886
- Hilvarenbeek, 1811-1912
- Hooge en Lage Zwaluwe, 1811-1902
- Huijbergen, 1903-1912
- Putte, 1903-1912
Overlijdens
- Tilburg, 1905-1914, 1917-1930, 1943-1954, 1963-1966 en 1968
- Oosterhout, 1944-1969
- Udenhout, 1952-1960
- Waspik, 1811, 1812, 18291912
Doop-, trouw- en begraafboeken
Dopen
- Boxmeer, 1801-1810
- Gemonde, 1801-1810
- Grave, 1719-1749
Trouwen
- Boxtel en Esch, 1729-1750
- Helvoirt en Haaren, 1653-1656 en 1660-1733
Begraven
- Sambeek, 1640-1653 en 1664-1703
Bevolkingsregister
- Herpen, dienstboderegisters, 1840-1850
Schepenbanken
- Dinther, 1613-1625
- Oss, 1749-1754 en 1787-1808
- Veghel, 1633-1650 en 1673-1710
Raad van State
- Resoluties, 1794
Delfland – Jaargang 29, nr. 4, december 2020
Inhoudsopgave
-Van het Bestuur en de Redactie
-Berichten uit de afdeling –
-Agenda afdelingsbijeenkomsten
-Bestuursmededelingen
– Ledenbestand
-Anny Käyser-van der Zee: 40 jaar NGV lid
-Bestuursleden gezocht!
-Week/spreekuur voorouderonderzoek
-Genealogische hoek –
-Voorpagina nieuws op de dag voor kerst
– P. van der Zee Rat drankding.
-Wetens(w)aardigheden
– Dubbele achternamen
– E-mailadressen
-Websites – Andere Tijden
Oorlogsbronnen
– Plaatjesalbum van Delft
-Algemene informatie Archiefnieuws – TV-serie ‘KIJK op DELFT’
-Boekennieuws – Een stamreeks van Hendrik Hendriks vanaf circa 1763
-150 jaar gelegenheidskleding
-2019 (KLOEG)
-Zo orden je het familiearchief
-Afdelingsbibliotheek
-Cursusnieuws
– Genealogie voor beginners
-Diversen
– Familie in beeld
11 en 30 nummer 101
- INHOUDSOPGAVE
- VAN DE VOORZITTER
- AFDELINGSPROGRAMMA
- DE LEDENLIJST
- BESTUURSZAKEN
- THEMANUMMER ‘FRYSLÂN IN DE TWEEDE WERELDOORLOG
- OPROEP THEMANUMMER 2021
- SAMENVATTING LEZING ‘FRIESE KAPITEINS’
- LIEFDE IN OORLOGSTIJD
- LYKELE FABER (1919). ENGELANDVAARDER
- HERINNERINGEN AAN DE OORLOG VAN ANNE BOOMSMA
- WE HADDEN GEEN GEBREK. BOUWINA BEINTEMA EN DE OORLOG
- OPROEP THEMANUMMER SCHIPPERS
- TWEE BROERS IN DE OORLOG
- YNE PORTE IN PORT NATAL
- BIJ DE VOOR- EN ACHTERPAGINA
LIMBURGS TIJDSCHRIFT VOOR GENEALOGIE 48 I 2020 I 4
Inhoudsopgave
Van de redactie
Jan Geenen, zijn grafsteen uit 1675 en vier generaties nageslacht door Jan H. Hanssen.
De graftegel van het echtpaar Blonden-Willems 126 door drs. Henk J.L.M. Boersma.
Willem Waijen en Mathia Veugelers, Op zoek naar verwantschappen in Beegden en Heel 1 door dr. Mart W.M. Graef.
Boekbespreking De Biest, Namen en Bijnamen door ing. H.J. (Bert) van Laer.
Het onderwerp bodemvondst zal niet zo snel in verband worden gebracht met genealogie. Toch is de hoofdmoot van het huidige nummer eraan gewijd middels een paar artikelen over twee genealogisch interessante bodemvondsten.
We beginnen met een oude grafsteen die in mei 2015 in mijn geboortedorp Neer uit de grond tevoorschijn kwam. De steen bleek de overlijdensdatum te bevatten van Jan Geenen, een van mijn voorvaderen. Hij is niet alleen mijn voorouder, maar ook van duizenden, waarschijnlijk tienduizenden anderen met mij. Zo was hij de rechtstreekse voorvader van het bekende bierbrouwersgeslacht Geenen, makers van Lindeboom, het lekkerste bier ter wereld. U merkt ik ben wat vooringenomen. Mijn artikel bevat niet alleen een uitstapje richting bier, maar ook richting het unieke Neerse schutterswezen en een zeer opvallende huisgeschiedenis.
Bijna vergelijkbaar qua thematiek is het tweede artikel van een van onze trouwste schrijvers, Henk Boersma. De vondst is hier een graf-tegel. Oorspronkelijk moet de tegel boven een graf in de parochiekerk van Breust gelegen hebben, vervolgens werd hij gevonden in de tuin van een particulier aldaar en thans is hij te bewonderen op het kerkhof vlakbij de H. Martinuskerk van Breust. Henk bespreekt de tegel en vult ontbrekende genealogische details aan over de schenkers van de tegel en hun gezin.
Een andere trouwe schrijver, Mart Graef, reageert middels zijn artikel op een eerdere publicatie van Arno Coopmans over de familie Waijen uit Beegden. Ook Mart voegt een heleboel nieuwe gegevens toe en belooft ons tevens nieuw materiaal te zullen leveren over de aanverwante familie Veugelers. Wordt dus vervolgd.
We sluiten deze keer weer af met een boekbespreking. Het betreft het inmiddels tiende boek over de buurtschappen van Weert en hun bewoners. Ons enig echte redactielid uit het Land van Weert, Bert van Laer, schreef deze recensie.
GroninGEN 2020 nr 4
Voorwoord
Bestuur en Beleid
Digitaal toezenden GroninGEN
Agenda
Nieuwe website en facebook-pagina
Lidmaten-project
Alida Geertruida Havenga en Mettje Havinga – Twee zussen in hetzelfde schuitje Jan Christiaan
Genealogie Gijsbert Jansen
De Zevenkinderenwet
Bonneke Adams of Bonne Bontjes (1739-1785)
Haversack (Groningen)
Gelijk Lijk – Geert Kuiper uit de Pekela
Allem@@l digit@@l drieenzestig (63)
Nieuws van de Archieven
Boekenrubriek
Colofon
De redactie is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de opgenomen artikelen!
Koggenland 2020 nr 4
Inhoud
Onze bijeenkomsten
In dit nummer
Van de bestuurstafel
Najaarsledenvergadering / begroting OWF 2021
Helpdesk
Voorlopige uitkomsten van de enquête: een tussenstand (?)
Workshop Boekbinden
Vrijwilligers gevraagd
Levensloopinterview en familieonderzoek (slot)
Nieuws over het WFA
Nieuws van het Westfries Archief
Paleografie
Willem Koster/Coster
Website NGV
Transcriptie van pagina’s 98 en 99
Mutaties
Aan dit nummer werkten mee
In het volgende nummer