GeneVer Jaargang 23, nummer 2, mei 2020

0
102

 INHOUD
Van de redactie, Resultaten e-mail aan de leden d.d. 9 maart 2020, Karel, Hub en Hein (deel III en slot) (door Antoine Plasier)
Onze afkomst (door Theo Maes), Aankondiging boek Vorage’s (door Jos Logister), Wie mag je (digitaal) geloven? (door Rinus Suijkerbuijk), Studenten uit Limburg 1773 – 1794 (door Wim Nolten), Grondbelasting en Kadaster (door Rinus Suijkerbuijk), “We houden het binnen de familie” (door Antoine Plasier), Het bidprentje van Joannes Antonius Wackers (door Theo Maes).

Vervolg  (Deel)Genealogie 
van  Hein  Coumans
Generatie VI
Pieter  Mathijs  Coumans, dienstknecht, geboren  te Puth-Schinnen op  7 juni 1814, overleden te Merkelbeek op 10 nov 1894, trouwt (1) op 21 apr 1844 met Maria Helena Hendrix, geboren te Merkelbeek op 11 mei 1823, overleden te Merkelbeek op 28 feb 1853, dochter van Leonardus Hendrix en Maria Cornelia Pesch .
Dit deel genealogie gaat  tot en met generatie VIII.

Onze Afkomst
(door Theo Maes)
Genealogen  zijn  voortdurend  op  zoek  naar  hun  afkomst.  Genealogie  is immers de wetenschap van de afkomst of de herkomst. In het nabije of iets verdere  verleden  bezochten  we  daarom  archieven.  Na  een  dag  lang speuren in oude registers konden we dan weer nieuwe data en voorouders toevoegen  aan  ons  papieren  bestand.  Of  we  keerden  onverrichter  zake huiswaarts om het een volgende keer opnieuw te proberen.
Tegenwoordig lijkt het alsof we onze stamboom met een druk op de knop digitaal van het internet kunnen laten rollen. Althans, dat is de verwachting. Bezoek aan een archief wordt niet meer nodig geacht. Steeds meer archiefbestanden worden gedigitaliseerd en komen voor de onderzoeker beschikbaar. Door het  aan  elkaar  knopen  van  meta  databestanden  ontstaan  er zoekmogelijkheden  die  voorheen  nauwelijks  voorstelbaar  of  mogelijk waren.  Voorouders  terugvinden  tot  vroeg  achttiende  eeuw  is  geen Meer en meer willen mensen tegenwoordig echter ook weten waar hun oorsprong  duizenden  jaren  geleden  lag. 
De  ontwikkelingen  in  het  DNA onderzoek  bieden  hierin  in  onze  tijd  toenemende  mogelijkheden.  Het resultaat van een DNA test zal vaak echter teleurstelling en vraagtekens oproepen met betrekking tot onze vermoedde oorsprong omdat we dit resultaat niet kunnen plaatsen in de uitkomst van ons onderzoek over de recente eeuwen. Nu  blijkt  uit  nieuw  onderzoek  dat,  in  tegenstelling  tot  wat  eerst  werd gedacht,  ook  Afrikanen  een  klein  percentage  Neanderthaler  genen bezitten  (lees hier het onderzoek).  Dit  kon,  zo  is  de  gedachte,  alleen  maar verklaard  worden  door  aan  te  nemen  dat  er  na  de  vermenging  van  de genomen van de eerste moderne mens en de Neanderthaler ook weer een omgekeerde beweging, remigratie naar Afrika is geweest.
Als u gedacht of gehoopt had dat uw vroegste afkomst eenvoudig vast te stellen zou zijn, dan wordt het nu alleen nog maar ingewikkelder.  Er wordt zelfs al gesuggereerd dat de Neanderthalers vanuit het Iberisch schiereiland  de  oversteek  maakten  naar  Afrika  en  daar  hun  genetische sporen  achterlieten  vóór  de  migratie  van  Home  Sapiens  naar  Europa. Fascinerende theorieën die ons laten zien dat de zoektocht naar onze her- of afkomst nog lang niet ten einde is. Ondertussen zoeken we, bij wijze van spreken, in onze digitale bestanden verder naar die ene ontbrekende schakel in de registers van de achttiende of de negentiende eeuw. Het contrast kan niet groter zijn!

Aankondiging boek Vorage’s
(door Jos Logister)
De Vorage’s sedert de 16e eeuw, ISBN: 9789082879223
Met  Vorage’s  zijn  alle  personen  bedoeld  die  afstammen  van  de  oudste voorouder Gerardt Vraetzen uit het midden van de 16e eeuw. Er zijn wel honderd verschillende schrijfwijzen van de Vorage’s die in de 20e eeuw  de  volgende  achternamen  hebben  behouden;  Vorage,  Voragen, Fouraschen, Voraschen en Vorachen. De  Vorage’s  woonden  lang  in  Zuid-Limburg  in  en  rondom  Heerlen  – Kerkrade  –  Maastricht  en  in  de  Duitse  driehoek  Herzogenrath  –  Aken  – Keulen. Pas vanaf 1950 gingen ze ten noorden van Sittard wonen.

Tot de Franse tijd blijken de Vorage’s voornamelijk landbouwer te zijn, maar gaandeweg neemt de diversiteit van de beroepen toe. Sommigen worden koopman,  molenaar,  bierbrouwer,  winkelier  of  handelaar.  Anderen brengen  het  tot  burgemeester,  gemeenteraadslid,  gemeenteontvanger, minister in het eerste kabinet Adenauer, vakbondsleider. Weer anderen zijn  huisarts,  verpleegkundige,  onderwijzer,  leraar,  professor, spoorwegbeambte of vervoerder. Of men wordt politieagent, priester of kloosterzuster. Ook zijn Vorage’s in dienst getreden in een Nederlands, of Duits leger.  Op enkele uitzonderingen na waren de Vorage’s katholiek. Opvallend is het aantal mannelijke familieleden dat priester is geworden (10), maar ook het aantal kloosterzusters mag er zijn (  Het  boek  is  te  reserveren  bij  joslogister@hotmail.com  of  bezoek  de  website

Wie mag je (digitaal) geloven?
(door Rinus Suijkerbuijk)
Op zoek naar een huwelijk dat volgens een ‘gegevensaanreiker’ in 1934 te Rimburg zou zijn gesloten, bezocht ik het RHCL te Maastricht en vroeg, omdat  onder  archief  12.088  Burgerlijke  Stand  in  Limburg:  Rimburg, 1796-1942, in hun zoeksysteem vermeld wordt, het huwelijksregister uit 1934 op. Ondanks royale medewerking van de studiezaalmedewerksters bleef  de  zoektocht  vruchteloos;  in  de  inleiding  bij  dit  archief  werd  veel aandacht  besteed  aan  de  deplorabele  toestand  van  de  archivalia  bij  de herinrichting van het verbouwde archief omstreeks 1994/5. Er zou dus nog wel materiaal uit Rimburg beschreven moeten worden. De gezochte huwelijksakte heb ik (uiteindelijk) gevonden in de gemeente Ubach over Worms, akte 36 van 19.10.1934 waarbij de bruidegom Walter Max Kollin, geboren 27.01.1904 te Lärchwalde (Duitsland) als zoon van Anna Kollin in het huwelijk treedt. Mijn hoop om een mooie kwartierstaat te kunnen opmaken wordt de bodem ingeslagen.

Studenten uit Limburg 1773 – 1794
(door Wim Nolten)
Tegenwoordig is de RWTH te Aken als universiteit in de regio uitgegroeid tot een begrip. Ook voorheen was Aken reeds een aantrekkelijke plaats om te studeren, naast het alom bekende Rolduc. Veel studenten uit Limburg en omringende plaatsen, studeerden aan een der beide instituten. In het verleden, pakweg zo’n dikke 240 jaar geleden, was dit ook zo, maar was studeren echter alleen weggelegd voor de beter gesitueerden, die hun ‘Limburgse’ zonen naar Aken stuurden. Onder de titel van ‘Limburgers buiten Limburg’ werden al eerder gegevens hierover gepubliceerd in een genealogisch tijdschrift.
Zij gingen tussen 1773 en 1794 naar school op het Keizer Karel Gymnasium te Aken.
Bij gericht onderzoek kwamen wij er 40 tegen: 37 uit Limburg en 3 uit het ‘Limburger Land’. Hierbij dient het begrip ‘Limburg’ wel enigszins ruim te worden gezien. Een lijst van de namen van  deze studenten wordt gepresenteerd.

Grondbelasting en Kadaster
(door Rinus Suijkerbuijk)
Inleiding.
De redactie van GeneVer vraagt de lezers om eens verslag te doen van datgene dat hen bij hun genealogisch onderzoek heeft bezig gehouden. In het verleden heb ik meermaals de aandacht gevestigd op het bestaan van Zoekakten.nl waar steeds meer indexen op DTB’s en Burgerlijke Stand [oorspronkelijke copies bij de ‘Mormonen’ in Utah berustende] geraadpleegd konden worden. Een fantastische bron, waar helaas door de particuliere organisator, plotseling, en om onverklaarbare reden, de stekker uit werd getrokken. De honderden door mij op bronnen uit o.a. Belgisch Limburg, de provincie Luik, alsmede de Oostkantons gemaakte indexen zijn daarmee in rook opgegaan. Onbegrijpelijk dat met de sleutelfiguur van Zoekakten.nl generlei regeling getroffen kon worden door het NVG, CBG of verwante landelijk opererende organisatie. Zonder index is een genealogisch boekwerk slecht hanteerbaar; zonder indexering zijn gedigitaliseerde bestanden evenmin goed doorzoekbaar.

Het RHCL is druk bezig met digitaliseringsprojecten, maar wordt het voor de onderzoeker nu gemakkelijker? En eerlijk gezegd krijg ik liever de bundel notariële akten van notaris X over enig jaar ter inzage dan toegang tot de gedigitaliseerde jaarbundel: akte nummer 145 is in de bundel papier sneller opgezocht, dan het hele, ongenummerde, —-.pdf bestand te moeten doorscrollen. Gemakzuchtig verwijst het RHCL dan naar het (soms beschikbare) repertorium van notaris X over dat jaar. In het repertorium diende de notaris bij elke akte de naam van één der partijen op te nemen. Klinkt leuk, maar als de gemeente bij een serie aktes betrokken was en de notaris zich gemakzuchtig slechts de gemeente als betrokken partij opvoerde? Zoeken maar! Genealogen zouden een fatsoenlijke index op digitale bestanden zeer op prijs stellen.

Sinds geruime tijd is men bij het AEZEL-project bezig om historisch en genealogisch materiaal digitaal toegankelijk te maken. In tegenstelling tot bij Zoekakten.nl is de organisatie niet afhankelijk van één persoon, maar GeneVer, NGV afdeling Zuid-Limburg. Jaargang 23 Pagina 2020-50 van een groep personen, geborgd in een stevige structuur. Een organisatie waar men vertrouwen in mag hebben, met een bestaansperspectief als het LGOG (hoop ik althans). Het huidige AEZEL-traject behelst het digitaal toegankelijk maken van de Kadastrale gegevens, vanaf het begin omstreeks 1840 in Limburg, middels de digitalisering van de kadastrale kaarten, het daaraan koppelen van de O.A.T.’s en daarna de PKL’s. Zolang het RHCL en AEZEL deze scans niet op hun sites hebben opgenomen, kunnen belangstellenden deze bij mij via mwsuijkerbuijk@ziggo.nl opvragen]. Dit is een veelomvattend artikel over deze moeilijke materie dat ik aanbeveel.

“We houden het binnen de familie”
(door Antoine Plasier)
Bij onderzoek naar een nog op later tijdstip te publiceren onderzoeksresultaat ontstond in eerste instantie verwarring over verwantschap binnen de familie Timmers. Het uitzoeken van de respectievelijke gezinnen leidde uiteindelijk tot een huwelijk tussen ‘schoonvader’ en ‘schoondochter’. Het verhaal begint bij Jan TIMMERS, gedoopt Schimmert op 8 december 1748, zoon van Lambertus Timmers en Catharina Goessens. Jan is overleden Schimmert op 16 maart 1842. Hij trouwt Meerssen en inschrijving in Schimmert op 21 februari 1773 met Barbara SWELSEN, geboren Ulestraten – Meerssen circa 1749, dochter van Andreas Swelsen en Maria Anna Notten. Barbara is overleden Schimmert op 19 juni 1810 (61 jaar oud) en begraven aldaar op 21 juni 1810.        

Verder gaat het verhaal met het vierde kind van Jan en Barbara, Maria Catharina TIMMERS die op 6 mei 1805 in Schimmert trouwt met Nicolas SCHRODERS. Het huwelijk blijft de eerste jaren kinderloos, maar dan toch wordt op 19 februari 1811 te Schimmert geboren Joannes (Jan) Schroders. Jan Jan Timmers moet een sterk gestel hebben gehad en ook nog eens gezond zijn gebleven. Nog op zijn 84 levensjaar wordt hij voor het laatst vader en bereikt uiteindelijk een voor die tijd bijzonder hoge leeftijd van 93 jaar. Aardig einde van dit verhaal is dat zijn kleinzoon Joannes (Jan) Schroder eveneens op hoge leeftijd voor een derde maal in het huwelijk treedt. Hij is dan bijna 69 jaar oud en zijn echtgenote Anna Maria Willems is 28 jaar jong, een aardje naar z’n vaartje.

Het bidprentje van Joannes Antonius Wackers
(door Theo Maes)
In mijn bidprentjesverzameling bevinden zich een aantal vrij oude exemplaren. Deze prentjes leveren een beeld op zoals wij dat nu niet meer kennen en ze zijn een mooie bron van informatie. Onderstaand het prentje bij het overlijden van Joannes Antonius Wackers op 27 februari 1847 in Maasbracht. Gezinsblad Joannes Antonius Wackers Joannes Antonius Wackers , zn. van Hermanus Wackers en Catharina Heijthuijsen, ged. op donderdag 6 oktober 1774 te Echt, ovl. (72 jaar oud) op zaterdag 27 februari 1847 te Maasbracht, kerk.huw. (22 jaar oud) (Rooms Katholiek) op dinsdag 14 februari 1797 te Maasbracht met Anna Margretha (Maria) Eijckelberg.Uit dit huwelijk 8 kinderen: